De heraanleg van het Roode Klooster
De heraanleg van de historische tuinen is begonnen!
(Bron BIM: http://www.ibgebim.be/nederlands/contenu/content.asp?ref=2182)

Het Brussels Gewest telt weinig sites die zo uitzonderlijk zijn als het Rood Klooster. Dit voormalige klooster staat niet alleen bekend om zijn historische kwaliteiten, maar ook om zijn architecturale, culturele, recreatieve en ecologische troeven.
Vandaag komen Brusselaars en toeristen voornamelijk voor hun vrijetijdsbesteding naar deze plek.
Gedurende
lange tijd werd ze echter verwaarloosd door de overheid. De
infrastructuur en de omgeving zijn dan ook aanzienlijk aangetast.
Enkele jaren geleden hebben de overheden evenwel beslist om de site te restaureren en de werking ervan te reorganiseren vanuit een totaalvisie, die het glansrijke verleden van de site tot zijn recht moet laten komen en zo moet bijdragen tot het imago van Brussel.
Vandaag werden reeds aanzienlijke middelen uitgetrokken:
- door de Federale Staat in het kader van het BELIRIS–samenwerkingsakkoord met een specifiek budget voor de restauratie van de omheiningsmuur (een eerste fase van de werken werd reeds uitgevoerd in 2004, de eindfase is voorzien voor eind 2006);
- door de milieuadministratie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, het BIM. De investeringen hadden tot nog toe vooral betrekking op de omgeving van de site (speelplein, vijvers, grote weide, enz.). Nu wordt begonnen met de restauratie intra muros van de site;
- door de Grondregie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Er is begonnen met infrastructuurwerken aan enkele van de historische gebouwen op deze site;
- door de gemeente Oudergem. Er werden een aantal investeringen gedaan voor de renovatie van de gebouwen die ze onder haar hoede heeft.
Een ambitieuze werf voor een uitzonderlijke site
Het Rood Klooster is bij uitstek geschikt voor vrijetijdsbesteding.
Het BIM heeft zich tot doel gesteld om deze functie nieuw leven in te
blazen door de onthaalinfrastructuur te moderniseren met respect voor
de historische organisatie van de site.
Het is een uitdaging om een
coherent geheel te creëren dat voldoet aan de wensen van zoveel
mogelijk bezoekers, en tegelijk de hinder en schade aan gevoelige zones
zo veel mogelijk te voorkomen.
Het project zal in 4 fasen verlopen en omvat de volgende prioriteiten:
- behoud van het natuurreservaat (enkele interventies zijn voorzien aan de rand van deze zones, volledig in overeenkomst met het beheersplan) ;
- werkzaamheden in het belang van de biodiversiteit zoals het aanplanten van een boomgaard, aanplanting van inheemse planten en soorten, bescherming van ecologisch waardevolle zones ;
- bodemsanering (op 2 verontreinigde punten): verwijdering van de verontreinigde grond naar een erkend centrum ;
- grondwerken om problemen ontstaan door erosie of menselijke verstoring te herstellen (sanering van de fundering van de ommuring en gebouwen, beperking van overstromingen); het grondverzet wordt tot een minimum beperkt teneinde de archeologische restanten te vrijwaren en het transport te beperken. Zoveel mogelijk grond wordt ter plaatse hergebruikt ;
- bestrijding van de overstromingsrisico’s door het aanleggen van een efficiënt afwateringssysteem en door het reguleren van de grondwatertafel (herstel van waterbassins en drainage) ;
- plaatsing van een gescheiden rioleringstelsel (oppervlaktewater en afvalwater), zuivering van het afvalwater ter plaatse ;
- sanering van de mestkuip ;
- ingrijpende beperking van het doorgaand gemotoriseerd verkeer ;
- aangepast beheer van de parking binnen de site ;
- plaatsing van aangepaste bodemverhardingen met het oog op een grotere, duurzaamheid en gebruikscomfort.
De aanleg van de tuinen
In maart 2006 begon het BIM met de heraanleg van de historische tuinen van de abdij.
Het ontwerp voor herinrichting is de vrucht van verschillende jaren studie en overleg met de betrokken instanties: KCML, BROH, Gewest, Gemeente Oudergem enz.
Voor de uitwerking van het ontwerp heeft het BIM een beroep gedaan
op een internationaal gerenommeerd studiebureau van
landschapsarchitecten: JNC International.
Het ontwerp wil een
herstel van de oorspronkelijke historische toestand, maar aangepast aan
de moderne behoeften en bezoekersaantallen van deze zeer aantrekkelijke
site.
De aanleg werd gepland in verschillende opeenvolgende en logische fasen om de kwetsbare biotoop, de culturele activiteiten en de bezoeken aan de site zo min mogelijk te verstoren.
Het vellen en snoeien van de bomen
Voor elke boom op deze site werd een fytosanitaire diagnose gesteld door een bedrijf gespecialiseerd in boomverzorging (ARBOCURA). De resultaten van deze diagnoses werden vervolgens gecontroleerd en bevestigd door een dendroloog.
De basis van deze studie werd beslist om iets minder dan 100 bomen van verschillende grootte, te vellen. De meeste bomen vormden een gevaar voor deze druk bezochte site.
We vermelden bijvoorbeeld: beuken aangetast door honingzwam, uitgeleefde kastanjebomen die verschillende tekenen van verzwakking en schimmelaantasting vertoonden, verschillende soorten die slecht aangepast waren aan de omgeving of die op verschillende vlakken een verstoord evenwicht vertoonden.
Daarnaast werden – hoewel in mindere mate – nog een aantal bomen geveld of gesnoeid om landschappelijke of ecologische redenen (om het uitzicht op de vallei open te trekken, om de kruidlaag meer kansen te geven enz).
Werkzaamheden die rekening hielden met de kwetsbaarheid van de site
De site van het Rood Klooster is een ecologisch waardevol gebied en wordt in dit opzicht beschermd in het kader van het netwerk Natura 2000. Bovendien bevat de bodem heel wat archeologische resten die niet beschadigd mogen worden.
Om deze redenen was het belangrijkste criterium bij het gunnen van de opdracht voor het vellen van de bomen, het gebruik van de meest milieuvriendelijke veltechnieken en werforganisatie.
Er werden bijzondere voorzorgen genomen voor:
- het demonteren van de grote bomen (afzagen is verschillende stukken) om schade aan de omgeving bij het vallen van de bomen zoveel mogelijk te vermijden ;
- het gebruiken van lichte gereedschappen en machines die aangepast zijn aan de kwetsbaarheid van de bodem ;
- het plannen van de werf die georganiseerd is volgens opeenvolgende interventiezones, om te vermijden dat het verkeer op of de toegang tot en rond de site te veel wordt gestoord.
Vervolg van de werken
De tweede fase van de werken wordt aangevat half mei en zal bestaan uit de aanleg van de verhardingen en de plaatsing van nieuwe nutsleidingen (bekabeling, leidingen). Deze fase heeft hoofdzakelijk betrekking op het inkomplein en de grote binnenplaats evenals de hele noordelijke circulatieas van de site : as door de binnenplaats van de boerderij tot aan de ingang (Kalkpoort) in de nabijheid van de grote visvijver.
Een aangepast circulatieplan
Een van de meeste storende factoren in de site van het Rood Klooster is het te groot aantal voertuigen. Het id de bedoeling om voorrang te verlenen aan de zachte weggebruiker.
- vanaf nu is het autoverkeer dan ook strikt aan banden gelegd op de site;
- doorgaand verkeer is niet meer mogelijk. Enkel het voorplein en het binnenplein blijven permanent toegankelijk voor auto’s;
- om praktische en veiligheidsredenen zal de site wel toegankelijk blijven voor het autoverkeer en de hulpdiensten;
- toegang voor personen met beperkte mobiliteit wordt verzekerd. Voor deze gebruikers worden specifieke aanpassingen en parkeerplaatsen voorzien in navolging van de voorschriften.

