Vleermuizen, een rijke fauna in het Zoniënwoud
De zon neemt stilaan afscheid… Alleen een roodborstje geeft nog een fluitconcert in het onderhout, dat is opgewarmd tijdens deze mooie zonnige dag aan het begin van de lente. Opeens zie ik één en dan twee zwarte punten, die bogen trekken door de lucht. Net zoals elk jaar vind ik hier, aan de rand van de vijvers van het Roodklooster de eerste vleermuizen van het jaar, die tevoorschijn komen na enkele maanden gedwongen rust in de winter...
|
Dit spektakel is niet voorbehouden aan enkele geprivilegieerde natuurkenners. Iedereen kan dit fenomeen observeren tijdens een wandeling in de schemering. Je ziet het vooral aan de rand van bossen, in de buurt van vijvers, waar soms enkele tientallen vleermuizen over scheren op zoek naar insecten om zich mee te voeden. En hoewel je het niet zou verwachten, is de Brusselse fauna bijzonder rijk aan chiroptera (de Latijnse naam voor vleermuizen) of ‘handvleugeligen’. Van de 19 soorten in ons land zijn er 17 te vinden in Brussel! En een groot deel daarvan vindt onderdak in het Zoniënwoud. Een rijke fauna Maar daarbij moeten we meteen een kanttekening plaatsen, want de populatie is sinds enkele tientallen jaren sterk gedaald. Tegenwoordig zijn vleermuizen beschermd door de wet. Het is verboden om erop te jagen, ze te vangen of hun habitat te beschadigen. En we zien inderdaad een stabilisatie van de populatie. Maar in het verleden zijn ze sterk bedreigd. De oorzaak? De aantasting van hun voedselomgeving en het gebruik van insecticiden, waardoor ze minder en minder goede insecten tot hun beschikking hebben als voedsel. |
![]() |
![]() |
Helaas is er nog steeds sprake van de afname van hun verblijfplaatsen. In de zomer gaan vleermuizen op zoek naar warme en droge plekken, zoals holle ruimtes in oude bomen of onderdaken van huizen en kerken. Maar deze plaatsen verdwijnen, zoals de oude holle bomen, of zijn niet meer toegankelijk, zoals de ruimte onder daken. In de winter schuilen de vleermuizen meestal in frisse en vochtige ondergrondse plekken: ongebruikte tunnels, kelders, oude ijskelders… Om iets te doen aan de verdwijning en aantasting van de habitats, publiceerde Leefmilieu Brussel Inrichtingen voor vleermuizen: een handleiding om informatie te bieden aan bewoners en natuurbeheerders die zich willen inzetten voor deze dieren. |
Lifeproject Vleermuizen
![]() |
‘De recente geschiedenis van vleermuizen is nauw verbonden met Natura 2000 en deze zoogdiertjes zijn tegen wil en dank ambassadeurs geworden van de biodiversiteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,’ vertelt Ben Van der Wijden, die bij Leefmilieu Brussel – BIM verantwoordelijk is voor het bestuderen en volgen van de vleermuizen in Brussel. De rijke aanwezigheid van vleermuizen rechtvaardigde de aanduiding van enkele halfnatuurlijke gebieden als ‘speciale zones voor natuurbehoud’ in dit grote Europese netwerk van beschermde gebieden. Uiteraard is daarin het hele Zoniënwoud opgenomen, maar ook de gebieden eromheen, zoals het Tournay-Solvaypark, de Woluwevallei, Hertoginnedal, de Mellaertsvijvers, het Woluwepark, het Bronnenpark, het Maloupark… oftewel ruim 2000 hectare, alleen al in het zuiden van de hoofdstad! ‘De eerste Natura 2000-erkenning stamt uit 1996,’ vertelt Ben, ‘en die werd al snel opgevolgd door ambitieuze maatregelen: een Lifeproject (1998-2002), nieuwe erkenningen in 2003, de start van de voorbereiding van beheerplannen, de ontwikkeling van een adequaat juridisch kader en concrete behoudsdoelstellingen op het terrein, monitoring van soorten…’ |
Voor de bevordering van de vleermuizenpopulatie coördineert de Brusselse milieu-administratie eveneens een reeks acties voor de verbetering van de kwaliteit van de jachtterreinen (aanleg van een blauw en groen netwerk, meer ecologisch beheer van de vijvers, beheer van bossen en bosranden) en van het aanbod van verblijfplaatsen. Allemaal maatregelen die eveneens ten goede komen aan de totale biodiversiteit.
Nachtelijke vampiers?
|
De voorlichting van het publiek blijft niet achter. Vleermuizen werden lange tijd beschouwd als bloeddorstige beesten die zich vastklampten in de haren en genereren nog steeds veel bijgeloof, maar tegelijkertijd fascineren ze een groeiend aantal mensen. ‘Er zijn informatiebrochures en -panelen gemaakt,’ vertelt Ben, ‘en elk jaar nemen we deel aan de Europese Nacht van de Vleermuis.´ Volgende editie: zaterdag 28 augustus 2010. |
|
> Meer weten:
- Website van Leefmilieu Brussel – BIM:http://www.ibgebim.be/Templates/Particuliers/Informer.aspx?id=2112&langtype=2067
- Website Paul Duvigneaud:http://www.centrepaulduvigneaud.be/biodiversite/chiropteres.html
- Website: http://vleermuizen.natuurpunt.be/
> Tekst en foto’s: Franck HIDVEGI




